|
Bij het onderdeel stijl worden behandeld:
De volgende fouten worden behandeld:
De volgende stijlmiddelen komen aan de orde:
Oefeningen taal- en stijlfouten en stijlmiddelen
Niveau van de oefeningen:
= vooral geschikt voor onderbouw TL havo/vwo (2F)
 = vooral geschikt voor de klassen drie en vier havo/vwo/vier TL (3F)
  = vooral geschikt voor bovenbouw havo/vwo (4F)
Tussen haakjes staan de vergelijkbare referentieniveaus taal.
Stijlmiddelen (Rode oefeningen zijn vrij toegankelijk!)
1. Climax 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10  2. Vergelijkingen 1 3. Vergelijkingen 2   4. Vergelijkingen 3  5. Alliteratie 1 6. Alliteratie 2  7. Woordspelingen  8. Stijlmiddelen   9. Eufemisme   10. Stijlmiddelen   11. Tegenstelling 1   12. Tegenstelling 2   13. Tegenstelling 3    14. Beeldspraak 1   15. Beeldspraak 2    16. Herhaling   17. Herhaling tautologie en pleonasme 1   18. Herhaling tautologie en pleonasme 2    19. Oxymoron  
Diagnostische toets stijlmiddelen  Toets stijlmiddelen 
Taal- en stijlfouten
1. Herhaling   2. Congruentie   3. Verwijswoorden 1   4. Verwijswoorden 2   5. Foute verwijswoorden   6. Weglating   7. Woordvolgorde 1, 2, 3, 4, 5, 6, 7, 8   8. Als/dan   9. Het gebruik van hun of hen 1   10. Het gebruik van hun of hen 2    11. Contaminatie, symmetrie, dat/als, inversie of lijdende vorm.   12. Herhaling tautologie en pleonasme 1   13. Herhaling tautologie en pleonasme 2    14. Dubbele ontkenning en contaminaties   15. Contaminaties    16. Dubbelop   17. Beknopte bijzinnen    18. Archaïsmen    19. Archaïsche woorden   20. Barbarismen   
Diagnostische toets taalfouten    Toets taalfouten   
Oefeningen rijm, metrum, verbanden en trappen van vergelijking
1. Oefening metrum    2. Oefening versvormen    3. Oefening deel - geheel   4. Oefening mits - tenzij  5. Verbindingswoorden   6. Oefening trappen van vergelijking  
|