| Onvoltooide deelwoorden |
|
Onvoltooide deelwoorden eindigen op d(e). Onvoltoooide deeelwoorden kunnen ook bijvoeglijk gebruikt worden. Voorbeelden: De zwaaiende ouders, de lachende derde, de fietsende klas
1. Deelwoorden en persoonsvormen in de tegenwoordige en verleden tijd 2. Deelwoorden en persoonsvormen in de tegenwoordige en verleden tijd 3. Deelwoorden en persoonsvormen in de tegenwoordige en verleden tijd 4. Deelwoorden en persoonsvormen in de tegenwoordige en verleden tijd
|



