Abonnee login



Wie is online

 8 gasten 

Hoe spel je ... ?


Enquête

Heeft u behoefte aan extra begeleiding/uitleg?

Taalnieuws

  • De nieuwe woorden van 1910
    Toen Nicoline van der Sijs in 2001 het proefschrift Etymologie in het digitale tijdperk publiceerde, voorspelde zij dat de sterke toename van digitale bronnen in...
  • Schaatsen of schaatsenrijden?
    Het is nu even aan ’t dooien, maar als het een beetje meezit kunnen we binnenkort onze schaatsen weer onderbinden. Als u dat gedaan hebt...
  • Oude post vol taalvondsten
    Op 6 december 1779, vandaag precies 231 jaar geleden, stuurde de zus van matroos Jacob Smit haar broer een pakketje met sinterklaascadeautjes. De zus woonde...
  • De eerste fatsoensrakker
    Vorige week is de website www.mennoterbraak.nl gelanceerd. Bijzonder aan deze website is dat je naast de gedigitaliseerde versie van een tekst vaak het origineel te...
  • Zwezerik? Zwezer jij?
    Ik kan het hem niet meer vragen, maar ik denk dat mijn vader Toon Hermans de grootste Nederlandse woordkunstenaar vond. Mijn vader speelde zelf ook...

De vormen van het werkwoord


Als je een werkwoord  goed wil spellen, zal je eerst moeten vaststellen met wat voor een vorm je te maken hebt.

 


We onderscheiden:

 

1. Persoonsvormen

We noemen werkwoorden persoonsvormen als ze in een zin aangeven:

- tegenwoordige of verleden tijd : hij vraagt, hij vroeg

- enkelvoud of meervoud: ik vraag, wij vragen

 

2. Deelwoorden

Deelwoorden worden in twee groepen verdeeld:

a. Werkwoordsvormen als gefietst, gekocht, gebeurd en verdeeld noemen we voltooide deelwoorden.
b. Lopend, werkend, drinkend en rollend noemen we onvoltooide deelwoorden.

 

3. Infinitieven

Infinitieven zijn de hele werkwoorden.
Voorbeelden: rijden, betalen, gebeuren, verdelen, stemmen, kiezen vragen etc.

 

Oefening werkwoorden herkennen  

Oefening werkwoordsvormen 1

Oefening werkwoordsvormen 2   

 
RocketTheme Joomla Templates