Abonnee login



Wie is online

 49 gasten 

Hoe spel je ... ?


Enquête

Welke opleiding doe je?

Taalnieuws

  • De nieuwe woorden van 1910
    Toen Nicoline van der Sijs in 2001 het proefschrift Etymologie in het digitale tijdperk publiceerde, voorspelde zij dat de sterke toename van digitale bronnen in...
  • Schaatsen of schaatsenrijden?
    Het is nu even aan ’t dooien, maar als het een beetje meezit kunnen we binnenkort onze schaatsen weer onderbinden. Als u dat gedaan hebt...
  • Oude post vol taalvondsten
    Op 6 december 1779, vandaag precies 231 jaar geleden, stuurde de zus van matroos Jacob Smit haar broer een pakketje met sinterklaascadeautjes. De zus woonde...
  • De eerste fatsoensrakker
    Vorige week is de website www.mennoterbraak.nl gelanceerd. Bijzonder aan deze website is dat je naast de gedigitaliseerde versie van een tekst vaak het origineel te...
  • Zwezerik? Zwezer jij?
    Ik kan het hem niet meer vragen, maar ik denk dat mijn vader Toon Hermans de grootste Nederlandse woordkunstenaar vond. Mijn vader speelde zelf ook...

Het lijdend voorwerp

Je vindt het lijdend voorwerp in een zin door te vragen:
wie/wat +gezegde +onderwerp?

Voorbeelden

Hij maakt zijn huiswerk.
Wat maakt hij?
antwoord: zijn huiswerk
zijn huiswerk is lijdend voorwerp

De jongens gooiden sneeuwballen.
Wat gooiden de jongens?
antwoord: sneeuwballen
sneeuwballen is lijdend voorwerp

Razend gooide de leraar een krijtje door de klas.
Wat gooide de leraar?
antwoord: een krijtje
een krijtje is lijdend voorwerp

Ze waarschuwden hem niet op tijd.
Wie waarschuwden ze?
antwoord: hem
hem is lijdend voorwerp

    Opmerking:

    Controleer eerst of er een koppelwerkwoord in de zin staat want in een zin met een naamwoordelijk gezegde staat geen lijdend voorwerp.

    Een andere manier om het lijdend voorwerp te vinden is de volgende:
    zet een zin die in de bedrijvende vorm staat in de lijdende vorm.
    Het lijdend voorwerp wordt dan onderwerp.

     

    Zie: Bedrijvende en lijdende vorm

     

    OEFENINGEN

    1. Oefening 1 lijdend voorwerp
    2. Oefening 2 lijdend voorwerp /
    3.
    Oefening lv, mv, vv of bwb
    4. Oefening naamwoordelijk gezegde of lijdend voorwerp /
    5. Oefening onderwerp en lijdend voorwerp 


     

    << terug naar Zinsdelen theorieoverzicht

     
    RocketTheme Joomla Templates