Abonnee login



Wie is online

 53 gasten 

Hoe spel je ... ?


Enquête

Wat wil jij vooral oefenen?

Taalnieuws

  • De nieuwe woorden van 1910
    Toen Nicoline van der Sijs in 2001 het proefschrift Etymologie in het digitale tijdperk publiceerde, voorspelde zij dat de sterke toename van digitale bronnen in...
  • Schaatsen of schaatsenrijden?
    Het is nu even aan ’t dooien, maar als het een beetje meezit kunnen we binnenkort onze schaatsen weer onderbinden. Als u dat gedaan hebt...
  • Oude post vol taalvondsten
    Op 6 december 1779, vandaag precies 231 jaar geleden, stuurde de zus van matroos Jacob Smit haar broer een pakketje met sinterklaascadeautjes. De zus woonde...
  • De eerste fatsoensrakker
    Vorige week is de website www.mennoterbraak.nl gelanceerd. Bijzonder aan deze website is dat je naast de gedigitaliseerde versie van een tekst vaak het origineel te...
  • Zwezerik? Zwezer jij?
    Ik kan het hem niet meer vragen, maar ik denk dat mijn vader Toon Hermans de grootste Nederlandse woordkunstenaar vond. Mijn vader speelde zelf ook...

De bepaling van gesteldheid

De bepaling van gesteldheid zegt iets van twee andere zinsdelen.

Die zinsdelen zijn:

het gezegde en

het onderwerp of het lijdend voorwerp

Meestal bestaat een bepaling van gesteldheid uit een bijvoeglijk naamwoord, maar ook een zelfstandig naamwoord of een voorzetselgroep is mogelijk.

Voorbeelden:

  • De leden van het team vonden hem een klier. (een klier zegt iets over vonden (gezegde) en hem (lijdend voorwerp))
  • Hij stampte de appels tot moes. (tot moes zegt iets over stampte (gezegde) en de appels (lijdend voorwerp))
  • Drijfnat kwam hij gisteren thuis. (drijfnat zegt iets over kwam (gezegde) en hij (onderwerp))

Oefening bepaling van gesteldheid

<< terug naar Zinsdelen theorieoverzicht

 
RocketTheme Joomla Templates